KenniscentrumZiekte en Diagnose › Risicofactoren en erfelijkheid › Risicofactoren en erfelijkheid longkanker

Risicofactoren en erfelijkheid longkanker

Longkanker is niet erfelijk. Wel zijn er verschillende factoren die de kans op het krijgen van longkanker vergroten.

Roken en meeroken

De belangrijkste risicofactor voor het krijgen van longkanker is roken. Bijna 90% van alle longkankerpatiënten rookt of heeft gerookt. Hoe meer en hoe langer iemand rookt of heeft gerookt, hoe groter de kans op longkanker.
Ook niet-rokers die vaak in rokerige ruimtes zijn (en zodoende 'meeroken') hebben een verhoogde kans op het krijgen van longkanker.

Blootstelling aan stoffen

Van bepaalde stoffen is bekend dat ze bij intensieve blootstelling de kans op longkanker vergroten. Deze stoffen zijn:
  • Radon
    Radon is een radioactief gas. Het komt van nature voor in de bodem, vooral in rotsachtige gebieden. Als deze bodemstoffen worden gebruikt voor bouwmateriaal, dan kan het radon hieruit vrijkomen. Door zich te hechten aan stofdeeltjes, kan het radon in de longen terechtkomen. Mensen die veel met deze materialen werken, hebben een verhoogd risico op het krijgen van longkanker. Dit risico is extra groot als iemand rookt.
  • Nikkel
  • Arseen
    Nikkel en arseen zijn stoffen die in diverse industrieën worden gebruikt. Arseen wordt ook gebruikt in sommige middelen voor houtconservering en voor rattengif.

Longziekten als risicofactor

Het is bekend dat longkanker vaker voorkomt bij mensen met een longziekte, zoals astma, longemfyseem en chronische bronchitis. Het risico wordt nog groter als deze patiënten roken.

Longvlieskanker (asbestkanker)

Longvlieskanker (ook asbestkanker genoemd) wordt vrijwel altijd veroorzaakt door blootstelling aan asbest.

Niet besmettelijk

Net als alle andere soorten kanker is longkanker niet besmettelijk. Ook het slijm dat iemand met longkanker ophoest, is niet besmettelijk.

Erfelijkheid

Longkanker is niet erfelijk. Wel zijn er erfelijke factoren die ertoe leiden dat bepaalde rokers wel longkanker krijgen en andere rokers niet.
In sommige families komt longkanker vaker voor, maar dit betekent niet dat de kinderen de ziekte van de ouders hebben geërfd. Vaak is het een gevolg van bepaalde leefgewoonten binnen het gezin, zoals roken.



Deel deze pagina: